Jeugdherinneringen en Hoogsensitiviteit

 

Van mijn beginjaren weet ik niet zo heel veel meer. Wel valt het me via foto's op dat mijn moeder (waarschijnlijk) instinctief weinig speelgoed om me heen legt, waardoor ik bijna niet overprikkeld kan raken. Ook krijg ik veel slaap. Ik huilde niet veel als baby, maar ik had ook bijna niets in mijn kinderbedje liggen als wat dekens en 1 poppetje. Waarschijnlijk is het zo goed gegaan, omdat ik haar eerste kind was. Dan heb je nog geen vergelijkingsmateriaal en doe je datgene waar het kind zich het prettigst bij lijkt te voelen. Wel werd ik als probleemkind gezien, omdat ik vaak toekeek bij spelletjes van anderen. Mijn moeder kreeg de opdracht om me weerbaarder te maken.

De lagere school was een nieuwe wereld met nieuwe dingen. Bij elk verjaardagsfeestje kreeg ik of van te voren of achteraf buikpijn. Hoewel ik het blijkbaar niet vaak heb vermeld (mijn moeder beweert namelijk dat ik niet vaak ziek was). Ik werd op de kleuterschool door twee oudere kinderen (6e klas) op sleeptouw genomen. Blijkbaar gaf ik aan dat ik daar behoefte aan had, dan was ik minder overweldigd. Toen zij van school af gingen vond ik dat heel erg. Verschrikkelijk; nu zou ik het ineens allemaal zelf moeten doen! En ook toen wist ik al dat ik daar nog lang niet klaar voor was. Een leraar wierp zich op als beschermer; ik liep altijd het schoolplein af aan zijn hand. Soms was ik nog niet overprikkeld en ging ik bijvoorbeeld tikkertje spelen. Maar meestal liep ik met de leraar mee. Toen hij het niet meer gepast vond, was dat voor mij dan ook een hele schok. Toch probeerde ik zo goed als ik kon te overleven. Ik heb nooit beter geweten dan dat iedereen kon voelen wat ik voelde.

Ik was op meerdere vlakken anders dan anderen. Niemand kon me uitleggen wat er dan zo anders aan me was. Maar ineens hoorde ik er niet meer bij. Doordat ik nog altijd dacht dat iedereen hetzelfde kon voelen als ik, kon ik natuurlijk niet begrijpen dat ik wel degelijk anders was en hoe dat kon. Hoog sensitief zijn was iets vanzelfsprekends, dat kon toch iedereen? Het wordt gelukkig steeds vanzelfsprekender, met de nieuwe generatie kinderen die nu op aarde komt.

Mijn middelbare schooltijd was een vreselijke tijd. Het was goed geweest dat mijn ouders mij naar de Havo hebben laten gaan. Leertechnisch had ik het VWO kunnen doen, maar dan was ik veel vaker overprikkeld geweest. Ik bleef echter een buitenbeentje. Ik hield bijvoorbeeld niet van de disco. Ik hield niet van wilde sporten en ook niet van teamsporten. Ik ben in die tijd vreselijk gepest; er deden de raarste verhalen de ronde over me. In het begin wilde ik erbij horen, maar dat lukte niet. Ik was te anders. Hoe anders, dat wist ik niet, want mijn beleving was hetzelfde: iedereen kon het. Waarom ik anders was of als anders werd gezien, wist ik ook niet. Toch bleef ik mezelf trouw. Ik wilde er op een gegeven moment niet meer bij horen. Dat vergde te veel aanpassing. In de thuissituatie bleef alles automatisch goed gaan, ten eerste omdat ik me vaak terugtrok (waar ik gewoon behoefte aan had na zo'n lange en drukke schooldag) en ten tweede omdat mijn ouders me daarin erg vrij lieten. Ik ging elke dag na school wandelen met de hond; mijn ouders voelden dat ik daar behoefte aan had. Het kon natuurlijk niet goed blijven gaan, want ik moest wel meedoen met de ratrace. Ik ging werken in een restaurant, als afwasser. Vreselijk natuurlijk; veel te druk, te veel stress, boven op de stress van het schoolwerk. Nadat ik elke dag huilde op een donkere kamer, ben ik daarmee gestopt, maar dat was eigenlijk al te laat. Ik dacht toen dat ik vreselijk lui was, dat ik niet deugde. Nu weet ik dat het gewoon een te volle combinatie was van bezigheden, waardoor ik overprikkeld raakte. Dit was eigenlijk het begin van een grote depressie, die ongeveer een jaar duurde. Met een boek over psychotherapie, kwam ik er boven op. Ik had geen vertrouwen in professionele hulpverlening en vaak blijkt dat dit niet voor niets is. Zij kunnen vaak slecht met indigokinderen overweg (en nog minder met crystals), omdat zij deze kinderen niet de erkenning geven die wij gewoon opeisen. Inmiddels heb ik wel ervaring met professionele hulpverlening, maar dat heeft me niet geholpen. Spirituele hulpverlening echter wel!

Daarna kwam de migraine op. Met wat ik nu weet, is het voor mij nog belangrijker om die voedingsstoffen die bij mij migraine lijken te veroorzaken te laten staan. Aangezien mijn zenuwstelsel zo scherp staat afgesteld, is de reactie op de voedingsstoffen waarschijnlijk nog sterker. Het zou me overigens niet verbazen als veel migrainepatienten HSP's blijken te zijn.

Ook mijn reactie op hormonen was erg sterk: 11 van de 11 bekende bijwerkingen! Daar ik toen niet meer normaal kon functioneren, zijn we gestopt met de anticonceptiepil en heb ik voor een andere anticonceptie gekozen. Tevens kreeg ik propanolol voorgeschreven ter voorkoming van aanvallen. Toch kreeg ik nog steeds even regelmatig een migraine-aanval. Als ik overprikkeld was ging ik toch door. Ik luisterde niet naar mezelf en mijn eigen lichaam.

Vroeger dacht ik dat ik me gewoon te druk maakte, maar ik kan er niets aan doen. Vergelijk het met een auto-alarm dat voor deze wereld, in deze cultuur, te scherp staat afgesteld. Het alarm gaat bij mij veel eerder af dan bij een heleboel anderen. Niet zeuren en doorgaan is altijd de boodschap geweest, maar ik weet nu dat dit niet kan.

Ik heb nooit goed begrepen waarom ik uitgaan iets verschrikkelijks vond. Tja, een rustig restaurant, waar je lekker zit en lekker eet, dat vind ik heerlijk (behalve als er gerookt wordt). Maar een stampvol café of een grote discotheek doen me gruwelen. Ik raak meteen overweldigd door de herrie, de drukte, felle lichten en waarschijnlijk ook de warmte. Het is dan alsof er een orkaan losbarst in mijn hoofd; chaos alom. Ik pik veel te veel op en moet veel te veel tegelijk verwerken. Dat lukt dan niet. Op zo'n plaats werken de trucjes, die ik onbewust al veel gebruikte, absoluut niet. Het is te veel en te veel tegelijk. Ik word er compleet gek. Ik heb wel eens geprobeerd naar "de nacht van oranje" te gaan. Feloranje kleuren, veel fel licht, veel herrie en een drukte van jewelste. Ik heb die situatie moeten ontvluchten en ben naar huis gegaan, maar het duurde lang eer ik bedaard was. Toen voelde ik me wel een spelbreker!

Ik besef nu dat veel mensen om me heen me niet konden begrijpen; zij ervaarden de dingen heel anders. Ik pik ieders stemming op, weet wanneer er enorme spanning hangt tussen mensen. Ik weet meteen wat ik aan anderen heb, maar dat hoeft niet te gelden voor anderen.

Ik vind het heerlijk om alleen te zijn; ik heb daar ook behoefte aan. Als ik maar weet dat ik er niet alleen voor sta. Ik vind het soms moeilijk om bij anderen te zijn, omdat zij me soms dingen opleggen (via mijn scherp afgestelde zenuwstelsel; niet noodzakelijkerwijs via hun uitdrukkingswijze) waar ik niet of moeilijk aan kan voldoen. Ik ken onbewust gelukkig allerlei trucjes om een voor een HSP moeilijke situatie te ondergaan. Ik heb ademtechnieken geleerd, weet dat ik soms mijn ogen dicht moet doen, soms mezelf geruststellend moet toespreken. Soms moet ik proberen te wachten, soms moet ik eerst bijkomen. In het uiterste geval moet ik de situatie waar mogelijk ontvluchten. Flexibiliteit met de trucjes is het allerbelangrijkst.

Ik werk graag alleen. Dan heb ik zelf de controle en kan ik pauze nemen en bijkomen wanneer ik dat wil. Dit is belangrijk, want als HSP heb je meer rust nodig in je leven. Je moet meer rustmomenten inlassen. Voor mij is het belangrijk en fijn om te weten dat ik me niet hoef te schamen of me lui hoef te voelen. Ik krijg meer te verwerken dan anderen en dus heb ik ook meer rustpauzes nodig om dat te doen. Ik moet meer nadenken over zaken; dat hoort nu eenmaal bij een HSP.

Medische situaties als HSP

In een medische situatie ben je als HSP al overprikkeld. Je alarm is afgegaan; je hebt een afspraak gemaakt met de dokter. In de wachtkamer vraag je je constant af waarvoor iedereen komt en bij welke dokter hij moet zijn. Je bent ook bezig met je eigen alarm dat is afgegaan. Daarnaast vang je nog op wat de assistenten doen en je ziet af en toe een dokter lopen. Je probeert je uit alle macht te concentreren op wat jouw eigen probleem is, maar het gaat moeizaam. Je probeert je de reactie van de dokter in te beelden. Meestal is het iets als: hij zal me misschien een aansteller vinden, want er is misschien toch niets aan de hand. Als hij zo reageert, probeer dan een andere dokter te zoeken! Dit alles gebeurt in 5 min. Probeer namelijk nooit al te lang te hoeven wachten, dat is alleen nog belastender.

Inmiddels ben ik met vallen en opstaan aan het leren te accepteren dat ik HSP ben en dat de wereld daardoor echt niet vergaat. Ben ik te moe, dan houd ik daar rekening mee. Zelfs de mensen om me heen doen hun best om te accepteren dat ik toch echt anders ben dan zij.

Ik begin te leren wat belastend is, wat zeer belastend en wat minder belastend. Sporten is bijvoorbeeld een redelijk zware belasting, want je hebt fel TL-licht, harde en hyperactieve muziek, allerlei mensen om je heen en dan moet je ook nog bewegen en de oefeningen bijhouden.

Verjaardagen zijn erg belastend, omdat het vaak een komen en gaan is van mensen, je eet en drinkt vaak slecht en je kent niet iedereen die komt. Een van de trucjes die hierbij goed helpt is het drinken van veel water. Je moet dan wel vaak naar de WC, maar daarmee heb je én rust en je voert je afvalstoffen beter af (en dus ook je belastende factoren).

Een van de grootste belastingen is winkelen. Elke winkel draait zogenoemde "sfeermuziek", maar soms is die oorverdovend en meestal gewoon irritant. Elke winkel heeft zeer fel licht om alle kleuren goed te doen uitkomen. De meeste winkels zijn dusdanig ingericht dat je er niets kan vinden zonder de hele winkel te moeten doorsjouwen. Vaak ontstaat door deze drie factoren al een chaos in het hoofd van een HSP. Daarnaast ben je natuurlijk nooit de enige in de winkel en komen de verkopers ook nog wel eens vragen of je iets zoekt. Al met al is dit een zeer belastende situatie, zeker omdat je bij winkelen meestal meerdere winkels na elkaar bezoekt. De chaos herhaalt zich dus steeds, wat zeer vermoeiend is. Winkels zijn over het algemeen niet ingericht op HSP's. Nu is dat ook nog maar een beperkt deel van de bevolking. Er is echter een kentering gaande. Steeds meer mensen geven aan dat ze de muziek in winkels niet kunnen waarderen. Hoe meer nieuwetijdskinderen er komen (en tegenwoordig is ongeveer 90% van de kinderen die geboren worden in meerdere of mindere mate HSP), hoe meer dat zal veranderen.

Het meest belastende is uitgaan in een disco. Felle lichten, oorverdovende hyperactieve muziek, veel te veel mensen in een ruimte, warm, veel te duur water. Chaos alom. Gelukkig zijn er alternatieven: uit eten in een rustig restaurant, lekker bioscoopje pakken (in het donker mis je veel van wat je bij licht oppikt), mooie voorstelling in een rustig theater. Als het mogelijk is, zou je als HSP in de pauze eigenlijk niet in de foyer moeten blijven staan. Je bent namelijk de rest van de voorstelling veel drukker bezig met het verwerken van die pauze dan met de voorstelling zelf.

Gelukkig kunnen HSP's heel erg veel, mits een paar regeltjes in acht worden genomen. Rusten wanneer je daar behoefte aan hebt en weggaan zodra je overbelast dreigt te raken. Je zult er versteld van staan hoe goed allerlei dingen lopen. Het advies water binnen handbereik te hebben het allerbeste advies is dat ik ooit heb gehad. Water is mijn bondgenoot, een eerste levensbehoefte die het leven aangenamer maakt. En ik vind het nog lekker ook! HSP zijn is niet beter, noch slechter, maar anders dan de meeste mensen. HSP's kijken anders tegen de wereld aan, zien andere dingen dan de meeste mensen. Dat maakt ze niet beter, niet slechter, maar uniek. Over een aantal jaren zijn de HSP’s in de meerderheid. Dat zal niet zonder slag of stoot gaan en ook niet van de ene op de andere dag. Het is meer een geleidelijk proces van drie stappen vooruit, een stap terug.

 

 

© Kristalbloesem, 2007

print deze pagina